Psalm 119 vers 21:  Over hoogmoed gesproken
20/02/2020

Psalm 119 vers 21: Over hoogmoed gesproken

Passage: Psalm 119:21

U bestraft de vervloekte hoogmoedigen,
die van Uw geboden afdwalen.

Psalm 119 vers 21

Over hoogmoed gesproken
De woorden die voorafgaan aan dit gedeelte sprak de dichter er over dat zijn ziel altijd wordt verteerd van verlangen naar de bepalingen, naar het Woord van de HEERE.

Wat een contrast dan met de woorden die we zojuist gelezen hebben:

U bestraft de vervloekte hoogmoedigen, die van Uw geboden afdwalen.

Laten we er voor waken om, als een echte Nederlander, met het vingertje te wijzen naar anderen. Misschien wel naar mensen die buiten de kerk zitten of naar mensen die er juist binnen zitten. Naar onze broers en zussen in het geloof. Want wanneer we met de vinger naar een ander wijzen, wijzen we met de andere vingers naar onszelf.

Bij het woord hoogmoed ben ik te rade gegaan bij het woordenboek. Het blijkt een samengesteld woord te zijn uit twee woorden. Het spreekt van gemoed, een oud Nederlands woord voor je innerlijk en het woordenboek geeft er onder andere de volgende betekenissen aan: aanmatigend, arrogant. egoïsme, eigendunk, eigenwaan, grootheidswaanzin, opgeblazenheid, overmoed, trots, verbeelding.

Ik stop er maar mee, want hier worden we niet vrolijk van, toch? Wat een vreselijk lijstje. Tsja, dit gedrag is inderdaad te bestraffen zoals de schrijver van de Psalm zegt.

Inderdaad, hoogmoed komt voor de val, zoals het spreekwoord zegt. Wist je trouwens dat dit spreekwoord afkomstig is uit de bijbel, uit Spreuken 16 vers 18? Daar lezen we:

Trots komt vóór de ondergang, en hoogmoed komt vóór de val.

Toen ik deze woorden schreef, moest ik ineens denken aan Genesis 3.

De slang nu was de listigste onder alle dieren van het veld, die de HEERE God gemaakt had; en hij zei tegen de vrouw: Is het echt zo dat God gezegd heeft: U mag niet eten van alle bomen in de hof?
En de vrouw zei tegen de slang: Van de vrucht van de bomen in de hof mogen wij eten,

maar van de vrucht van de boom die in het midden van de hof staat, heeft God gezegd: U mag daarvan niet eten en hem niet aanraken, anders sterft u.

Toen zei de slang tegen de vrouw: U zult zeker niet sterven.

Maar God weet dat, op de dag dat u daarvan eet, uw ogen geopend zullen worden en dat u als God zult zijn, goed en kwaad kennend

En de vrouw zag dat die boom goed was om ervan te eten en dat hij een lust was voor het oog, ja, een boom die begerenswaardig was om er verstandig door te worden; en zij nam van zijn vrucht en at; en zij gaf ook wat aan haar man, die bij haar was, en hij at.

Toen werden de ogen van beiden geopend en zij merkten dat zij naakt waren. Zij vlochten vijgenbladeren samen en maakten voor zichzelf schorten.

Hoogmoed komt voor de val. Als je op zoek bent naar een illustratie van dit spreekwoord, als je een voorbeeld wil hebben van de inhoud van dit spreekwoord kom je uiteindelijk hier terecht. Honderden keren, misschien wel duizenden keren heb ik dit gedeelte gelezen, maar mij nooit zo gerealiseerd als nu wat hoogmoed werkelijk is. Wat de wortel van hoogmoed is: Als God willen zijn. Een grotere, een diepere, een ingrijpender illustratie van de tekst waar we vandaag over nadenken ken ik niet:

Trots komt vóór de ondergang, en hoogmoed komt vóór de val.

En ik moet erkennen: het zit diep van binnen in mij. Mag ik een persoonlijk getuigenis geven? In mijn jonge jaren was ik nou niet het stereotype van een student. Ik vond andere dingen in mijn leven veel leuker. Met pijn en moeite behaalde ik mijn diploma voor het voortgezet onderwijs en ging toen ik 17 jaar was al werken. Na wat omzwervingen in allerlei baantjes en mislukkingen kwam ik uiteindelijk bij een financiële instelling terecht waar ik door hard te werken uiteindelijk een goede baan kreeg. Het ging mij persoonlijk en ons gezin langzaam maar zeker steeds beter. Toen ik veertig was behaalde ik uiteindelijk mijn HBO diploma. Niet zomaar, maar als  een van de weinigen cum laude. En met mijn afstudeerscriptie was ik als enige oudere student dat jaar genomineerd voor een landelijke prijs. Kun je je voorstellen dat ik trots op mijzelf was? Eindelijk was ik iemand…

De erkenning liet niet lang op zich wachten. Ik maakte carrière en werd een veelgevraagd spreker en wanneer er problemen in het land waren werd ik er bij geroepen om die op te lossen. Kun je je voorstellen dat ik trots op mijzelf was?

Deze situatie duurde voort tot ik uiteindelijk besloot om voor mijzelf te gaan beginnen. Een eigen zaak, hoe mooi is dat… Ik kan je werkelijk vertellen dat alle mensen om mij heen versteld stonden van de groei en bloei die het bedrijf in heel korte tijd door maakte. Veel hoogopgeleide jonge mensen in dienst, allemaal een prachtige leaseauto, telefoon, laptop, kortom een prachtig team. Kun je je voorstellen dat ik trots op mijzelf was?

Totdat… inderdaad, totdat de crisis kwam. En we binnen een half jaar al ons personeel moesten ontslaan en ik gedesillusioneerd achterbleef met een leeg kantoor.

In de jaren er na heb ik wanhopig geprobeerd om er weer bovenop te komen, maar alles, werkelijk alles mislukte. Ons vakantiehuis werd verkocht, ons prachtige huis waarin we inmiddels woonden in een van de betere woonwijken van de woonplaats waar we woonden moesten we verkopen, de leasebak ging de deur uit en we trokken van huurhuis naar huurhuis omdat we niet in aanmerking konden komen voor een vaste plek.

Kun je je voorstellen dat ik er totaal kapot van was? Maar weet je? God geeft altijd en nieuw begin. God geeft altijd een nieuwe dag. Bij de Heere God wordt je nooit afgeschreven. Hoe diep je misschien ook zit. Hoe zwart de nacht van je leven er misschien ook uit ziet!  Hoe ik dat zo zeker weet? Luister naar mee, naar de meest zwarte nacht, de meest zwarte geschiedenis van de mensheid:

En zij hoorden de stem van de HEERE God, Die in de hof wandelde, bij de wind in de namiddag. de wind in de namiddag. Toen verborgen Adam en zijn vrouw zich voor het aangezicht van de HEERE God te midden van de bomen in de hof. En de HEERE God riep Adam en zei tegen hem: Waar bent u?

Wat een ongelooflijk wonder! God raapt je weer op.

En de HEERE God riep Adam en zei tegen hem: Waar bent u?

Hij komt naar je toe en roept: Mens, waar ben je? Mens, waar ben je? Daar waar jij en ik dachten en denken het zelf wel te kunnen, daar waar jij en ik in onze hoogmoed misschien wel denken als God te kunnen zijn, zelf op de troon van ons leven te willen zitten, of wanneer je wanhopig probeert je eigen schande te bedenken met een paar vijgenboom bladeren, je zelf probeert uit de misère van je leven te klimmen, komt Hij naar je toe in Zijn liefde en roept Hij:

Mens, waar ben je?

En weet je, dan komt Hij niet met halve oplossingen. Lees maar mee:

En de HEERE God maakte voor Adam en voor zijn vrouw kleren van huiden en kleedde hen daarmee.

Er moest bloed vloeien. En er heeft bloed gevloeid. Voor jou en voor mij. Wat een wonder van genade. Wat een heerlijk Evangelie. Wat een blijde boodschap!

Inderdaad: Hoogmoed komt voor de val. Maar daar eindigt het niet mee, want

de HEERE God maakte voor Adam en voor zijn vrouw kleren van huiden en kleedde hen daarmee.


DELEN

Reactie verzenden

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Reactie verzenden

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

EN / NL