Soekot

Soekot is een Joods najaarsfeest. Het is één van de Pelgrimsfeesten. Welke betekenis, achtergronden en gebruiken kent dit feest? Ontdek het hier.

Dat feest voor de Heere moet u per jaar zeven dagen lang vieren. Het is een eeuwige verordening, al uw generaties door. In de zevende maand moet u het vieren. Zeven dagen moet u in de loofhutten wonen. Alle ingezetenen van Israël moeten in loofhutten wonen – Leviticus 23:41-42.

Tijdens mijn laatste reis door Israël was één van onze stops het Meer van Galilea. Op de boot ervoer ik een diepe rust die mij in gedachten deed zinken naar de kalmte van het meer die ineens kan omslaan in een storm. Ik keek terug op mijn leven die zijn rustige vaarwateren kende, maar ook zijn woeste stormen.
Wij mensen verlangen er naar dat onze levensreis een sprookje is, maar vaak beseffen we ons ook dat onze gedachte van een ‘happy end’ niet altijd overeen komt met Gods plan voor ons leven. Wij mensen zijn geneigd om ons levenspad te bepalen door onze eigenwaarde, luxe, vrienden en macht. Maar is het niet zo dat God wil dat wij in alle periodes van ons leven op Hem vertrouwen?

SEIZOEN VAN BLIJDSCHAP
Als de lange en harde stoot van de grote shofar klinkt sluit de Hemelpoort op Grote Verzoendag en komt er een einde aan een periode van inkeer. Daarna breekt het Soekot aan, een pelgrimsfeest waarin Joden erkennen dat, na alle inspanningen, het God is die hun levensreis bepaalt. Dit feest wordt het seizoen van blijdschap genoemd. Soekot herdenkt Gods wolk die Israël beschermde tijdens hun veertigjarige woestijntocht. Om die reden geeft God het volk de opdracht om hun woningen te verlaten en voor zeven dagen in hun loofhut (Soeka) te verblijven. Dit om een diepe afhankelijkheid van God te creeëren. Hij omringt Zijn volk met Zijn wolk elk moment, elke dag, elke levensreis.

Maar is het niet zo dat God wil dat wij in alle periodes van ons leven op Hem vertrouwen?

DE LOOFHUT BOUWEN
God geeft bij monde van Mozes de opdracht (Leviticus 23:42) aan het volk om in een Soeka te gaan wonen. Een Soeka is het beeld van Gods goedheid en toont Gods trouw in Zijn voorzienigheid. Het is een tijdelijke verblijfplaats in de vorm van een hut die buiten wordt gebouwd en die minimaal drie de muren moet hebben. De s’chah (het dak) wordt bedekt met takken en mag niet gesloten zijn, want men moet naar de sterren kunnen kijken en zich richten op God. Na Grote Verzoendag staat er namelijk niets meer tussen God en Zijn volk in. Zeven dagen lang moet men in de Soeka wonen en er elke dag minimaal een maaltijd in eten.

LOELAV: WIE BEN IK EIGENLIJK?
Naast het gebod om een Soeka te maken moeten Joden ook een plantenbundel (‘loelav’) samenstellen (Leviticus 23:40). Er staat geschreven in de Thora dat men vruchten van sierlijke bomen, takken van palmen en twijgen van loofbomen en van beekwilgen moet verzamelen. De Loelav bestaat uit een palmtak (loelav), twee wilgentakken (aravot), drie takken van mirte (haddasim) en een citrusvrucht (etrog). Het is prachtig om te zien met hoeveel toewijding deze plantenbundel wordt samengesteld. Een aantal jaren geleden zag ik in Amsterdam een man die de etrog aan het naspeuren was op oneffenheden; enkel een perfecte etrog zou hij nemen. Deze gedrevenheid en toewijding voor Gods woord maakt het Joodse volk zo uniek!

PLANTENBUNDEL ALS SYMBOOL VOOR HET VOLK
De plantenbundel symboliseert dit volk:

  • de etrog heeft geur en smaak; de Joden die kennis van Thora hebben en goede daden doen
  • de loelav (palmtak) heeft smaak, maar geen geur; de Joden die goede daden doen, maar geen kennis hebben van Thora
  • de mirte heeft geur, maar geen smaak; de Joden die kennis van Thora hebben, maar geen goede daden doen
  • de wilgentak heeft geen smaak en geen geur; de Joden die geen goede daden en ook geen kennis van Thora hebben

De Joodse wijzen leren dat God deze uit Israël bij elkaar brengt, zoals de plantenbundel ook in één hand wordt genomen, zodat zij voor elkaar verzoening (kapparah) doen.

GEBRUIKEN TIJDENS SOEKOT
Elke dag wordt er in de Soeka en in de synagoge met deze Loelav in alle windrichtingen en boven en beneden gezwaaid. Dit als beeld dat God Koning over alles is. De Loelav wordt gebruikt tijdens het Hallel-gebed (Psalm 113-118). ‘Schaart u aaneen voor de feestdans getooid met wilgentakken, tot aan de hoornen van het altaar’ (Psalm 118:27). De Talmoed schrijft dat in de tijd van de Tempel de priesters wilgentakken over het altaar legden. Er werd op de shofar geblazen waarop men in een rij rondom het altaar liep. Dit werd Hoshanot genoemd, wat ‘breng ons verlossing’ betekent.
Vandaag zien wij dit nog steeds gebeuren in de synagoge, maar nu loopt men in een rij rondom de Thora die op de Bimah (spreekstoel in de synagoge) staat. ‘L’manacha Eloheinu, hosha na’, ‘Verlos ons, om Uw wil, onze God’ wordt er gebeden. Waren het niet de bewoners van Jeruzalem die met takken van de bomen dezelfde woorden ‘Hoshanah’ zeiden toen Jezus de stad binnen kwam? De mensen uit Jeruzalem begrepen dat Jezus de Messias was en Hoshanah (verlossing) zal brengen. Hetzelfde concept zien wij terug in Openbaringen 7 waar mensen die verlossing hebben ontvangen palmtakken in de handen dragen.

LET IT RAIN!
Een aantal jaar geleden verbleef ik met mijn vrouw tijdens Soekot in een Arabisch hotel. Op één van de avonden wilden wij Jeruzalem intrekken toen het ineens keihard begon te regenen. Tijdens het wachten op de regen begon ik met een receptionist te praten. De man zei wat uitdagend: ‘weet jij dat de Joden tijdens Soekot bidden voor regen’. Even nadenkend zei ik hem dat de God van Israël blijkbaar goed de gebeden van Zijn kinderen verhoort. De Arabische man staarde mij wat ‘betrapt’ na en moest mij stiekem wel gelijk geven.

De Arabische man staarde mij wat ‘betrapt’ na en moest mij stiekem wel gelijk geven.

Het feest Soekot en water zijn onlosmaakbaar met elkaar verbonden. De Talmoed schrijft dat op de hoogtijdagen water uitgegoten moet worden op het altaar, zodat de regens van het jaar gezegend mogen zijn. Zo had de waterceremonie tijdens Tempelperiode een belangrijke rol. De Talmoed schrijft dat ‘wie niet de ceremonie van het waterscheppen heeft ervaren, nooit blijdschap in zijn leven heeft gezien’. Tijdens deze ceremonie werd er water uit de Siloamvijver geschept om als plengoffer samen met de wijn op het altaar gebracht te worden. De mensen zongen: ‘dan zult u met vreugde water scheppen uit de bronnen des heils’.

Het was tijdens deze ceremonie op de laatste dag van het feest dat Jezus in Jeruzalem was (Johannes 7:37-38). Hier zei Hij: ‘indien iemand dorst heeft, hij kome tot Mij en drinke! Wie in Mij gelooft; stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien’. Deze ceremonie sprak over hem, daar men zei dat het water geschept werd uit de bronnen van ‘yeshua’ (Hebreeuws voor heil en ook de Hebreeuwse naam van Jezus). In de uitspraak van Jezus zit een enorme messiaanse betekenis. Zo spreekt de Talmoed dat Mozes ‘op de put zat, maar de Messias de bron in de put is’, waarmee Jezus Zichzelf met deze woorden als Messias uitgeeft. Daarnaast gaat water ook gepaard met de reiniging en het herstel van Israël doordat het levende water van Zijn Geest uitgegoten zal worden (Ezechiël 36:24-27/Joel 2:23/Jesaja 44:3).

DE DAG NA SOEKOT
Naast het zeven dagen durende Soekot is er ook een achtste dag (Leviticus 23:36) die ‘Shemini Atzeret’ wordt genoemd. Deze dag gaat gepaard met de Simchat Thora (‘Vreugde van de Thora) viering waarin Joden in de synagoge met de Thorarollen dansen en de cyclus van de Thoralezingen weer opnieuw begint. Deze achtste dag wordt, ondanks zijn verbinding met Soekot, als een onafhankelijke feestdag gezien. Volgens de kabbalah (Joodse mystieke leer) staat het getal acht symbool voor een stap die boven de natuurlijke orde uitgaat en hoger dan de natuur en de beperkingen van het leven is. Het is de eenheid die zal aanbreken waarvan Joden leren dat men echad (één) met God zal zijn. God zal Zijn Soeka, Zijn tent, over ons allen heen uitspreiden en uit Zijn Tempel zal een stroom van levend water komen (Openbaringen 7, 22).

Ervaar jij God op jouw levensreis? Is Hij jouw bescherming en stel jij in alles jouw vertrouwen op Hem? Eén ding weet ik zeker: dat ik nergens anders liever wil zijn dan in Zijn tent. Jij ook?

Bron: https://christenenvoorisrael.nl/