Psalm 50 vers 14-15: Over Gods wil in je leven gesproken
02/12/2019

Psalm 50 vers 14-15: Over Gods wil in je leven gesproken

Passage: Psalm 50:14-15

Offer dank aan God
en kom aan de Allerhoogste uw geloften na.
Roep Mij aan in de dag van benauwdheid;
Ik zal u eruit helpen en u zult Mij eren.

Psalm 50:14-15

Over Gods wil in je leven gesproken
Gisteren bespraken we een ernstige boodschap met elkaar. God heeft als het ware geen behoefte aan de dingen die we Hem geven. En die dingen kunnen van alles en nog wat zijn. Misschien breng je God offers in de zin van dat je tijd aan Hem besteed. Of geld. Of de zondag of de shabbat. Of, en vul het zelf maar in. Het kan van alles zijn.

We hebben dat ook gezien dat God dat allemaal wel ziet van ons. Maar dat tijd, geld en wat we allemaal nog meer kunnen opnoemen eigenlijk allemaal van Hem al van Hem is. Van Hem is de schepping en alles wat daarin is.

Maar Hij zoekt, in het verband van de tekst gelezen, Israel, Zijn volk, Zijn Zoon, Zijn eerstgeborene. En breder gezien, elk van Zijn schepselen. Jou en mij dus.

Dat kan je benauwen. We kunnen Hem niet tevreden stellen door Hem iets te geven. Iets van je tijd, iets van je geld, iets van je hart. Hij is niet tevreden met iets, maar uitsluitend met alles, met jouw zelf. Met je ziel. Met je leven. Durf je dat in de handen van Hem te leggen? Heere, hier ben ik? Doe U maar wat U met mij wil?

Weet je, dat is verschrikkelijk eng. Want als ik dat doe heb ik er niets meer over te zeggen. Is Hij wel te vertrouwen?

Ik zal je iets vertellen over mijn eigen leven. De eerste dertig jaren ben ik opgegroeid in de kerk en was daar vreselijk actief, deed jeugdwerk, zat in de bouwcommissie, zat in het schoolbestuur. Ik had netjes belijdenis gedaan. Het zag er allemaal prima uit. God moest als het ware blij met mij zijn.

Totdat ik in aanraking kwam met een zwager van mij. Hij was boomkweker in Boskoop. En ik herinner mij de gesprekken met hem. Hij sprak over niets anders over Zijn Heere en Heiland en Zijn liefde tot de mensen. En over Israel.

In die tijd had ik een goede baan bij een financiële instelling. En ik denk dat de Heere mij al een keer voor het jeugdwerk geroepen had, maar ik had daar, met een opgroeiend gezin toen van gezegd dat dat niet financieel te trekken was, dus leefde ik keurig verder.

Maar de gesprekken met mijn zwager lieten  me niet los. Diep van binnen wist ik dat wat hij had, ik miste. Met al mijn ‘goede’ kerkenwerk en mijn belijdenis doen. Toen kwam het moment dat de bomen gerooid moesten worden. En ik zou hem een week helpen.

Die week zijn we met elkaar opgetrokken. Elke dag letterlijk op onze knieën door de tuin. Hij stak de planten los uit de grond, ik deed ze in een pot. Zo ging dat elke dag. Hij sprekend over Hem, waar zijn hart vol van was en zijn mond van overliep. En ik luisterend en redenerend.

Toen kwam de vrijdag waarop hij mij vroeg of ik de Heere kende. Niet van horen zeggen, maar persoonlijk. En met alle offers die ik bracht, zoals belijdenis doen, mijn tijd voor het kerkenwerk etcetera, moest ik bekennen dat ik Hem niet kende. Maar ook de stap niet durfde te zetten. Wie weet zou ik me bedriegen. Uiteindelijk is het op die vrijdag gebeurd dat we samen op de knieën gegaan zijn en ik mij mocht overgeven aan de Heere.

De daarop volgende jaren waren anders. Veel deed ik, binnen en buiten de kerk met een andere intentie. Ondertussen groeide ons gezin op en bouwde ik een mooie carrière op. Tot tien jaar geleden. De crisis kwam, mijn bedrijf ging failliet, mijn vrouw werd zo ziek dat voor haar leven werd gevreeds, onze zoon overleed plotseling aan een hartstilstand en we moesten onze huizen inclusief ons vakantiehuis verkopen.

En al die tijd maar vechten om er zelf bovenop te komen. Tot ik werkelijk werd stil gezet. Weer dertig jaar later. En God mij in herinnering bracht dat ik wel mijn hart aan de Heere had gegeven, maar niet mijn leven. Ik had mijn eigen carrière bepaald, was zelf aan het vechten gegaan om er weer bovenop te komen. Totdat Hij mij duidelijk maakte: Weet je Cees, ik vraag niets van je, ik bied je iets aan. Een leven met Mij.

Sinds die tijd is het anders en mag ik mijn weg met Hem gaan. Elke dag. Zijn er dan geen problemen meer? Geen tegenslagen? Natuurlijk wel. Corrie Ten Boom kwam in het concentratie kamp. Maar met de Heere. Wat zou ik dan te klagen hebben?

Waarom ik dit vertel? Niet om er zelf iets mee te worden. Niet om mezelf mee op de borst te slaan. Dat allerminst. Maar om te laten zien dat God niet iets van je wilt, maar jou zelf, je hele wezen. Moeilijk? Ja en nee. Benauwd het je om je helemaal, zonder enig terughouden, alles aan Hem te geven?

Luister dan naar wat Hij vanmorgen tegen je zegt:

Roep Mij aan in de dag van benauwdheid;
Ik zal je eruit helpen en je zult Mij eren.

Muziek
Maak mij rein voor U

Tekst
Maak mij rein voor U
als gelouterd goud,
en zuiver zilver.
Laat mij zijn voor U
als gelouterd goud;
puur goud.
Dwars door het vuur
maakt U mij rein en puur.
Ik strek mij uit, Jezus,
naar meer van uw Geest
en uw heiligheid.
Ja, ik besluit, Jezus,
een dienstknecht te zijn
van U, mijn Meester,
steeds tot uw wil bereid.
Maak mij rein voor U.
Was mijn leven schoon,
vergeef mijn zonden.
Laat mij zijn voor U,
zuiver als uw Zoon;
heilig mij.

Tekst & muziek: Brian Doerksen
Ned. tekst: Peter van Essen
Bron: Musixmatch

Reactie verzenden

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Reactie verzenden

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

EN / NL