Psalm 119 vers 105 – 112:  Over het Licht gesproken
17/03/2020

Psalm 119 vers 105 – 112: Over het Licht gesproken

Passage: Psalm 119:105 – 112

Uw woord is een lamp voor mijn voet
en een licht op mijn pad

Ik heb gezworen, en ik zal het gestand doen:
ik zal Uw rechtvaardige bepalingen in acht nemen.

Ik ben ten zeerste verdrukt;
HEERE, maak mij levend overeenkomstig Uw woord.

Aanvaard toch, HEERE, de vrijwillige gaven van mijn mond,
en leer mij Uw bepalingen.

Mijn leven is voortdurend in gevaar,
toch vergeet ik Uw wet niet.

De goddelozen hebben voor mij een strik gezet,
toch ben ik van Uw bevelen niet afgedwaald.

Uw getuigenissen heb ik voor eeuwig in erfelijk bezit genomen,
want zij zijn de vreugde van mijn hart.

Ik heb mijn hart geneigd om overeenkomstig Uw verordeningen te handelen,
voor eeuwig, tot het einde toe.

Psalm 119 vers 105 – 112

Over het Licht gesproken
In de voorgaande overdenking hebben we er bij stilgestaan dat de woorden die de dichter sprak ook direct van toepassing waren op de Heere Jezus. En ook in dit gedeelte kunnen we dat met een gerust hart vast stellen. Immers Hij is de vervulling van het Woord, de vervulling van de Wet. Hij heeft de wet volbracht. Ook in dit gedeelte vinden we meerdere Thora-uitdrukkingen, zoals Zijn Woord, bepalingen, Wet, bevelen, getuigenissen en verordeningen.

Dat brengt mij op de gedachte dat we het Woord van God als geheel moeten zien. Wij zijn geneigd om daar steeds scheiding in aan te brengen. Denk alleen maar aan de scheiding die wij vaak maken tussen wet en genade.

Ik heb het al eens eerder gezegd. De Thora is het Hebreeuwse woord dat ‘onderwijs’ betekent. Vaak wordt het met ‘wet’ vertaald, maar die vertaling is te beperkt. De Thora is veel meer dan een verzameling van regels.

Doordat het woord Thora veel vertaald wordt met ‘wet’, heeft het voor niet-Joden een negatieve betekenis gekregen. Het is goed om te weten dat de Joden de Thora beschouwen als een geschenk van God. En dat is het ook. We zijn te feliciteren wanneer we in aanraking gekomen zijn met het Woord van God.
Het tweede waaraan ik moest denken bij het doorlezen van dit gedeelte heeft te maken met het feit dat de dichter van de psalm met zijn hele wezen, met zijn hele lijf betrokken is bij het Woord van God. Bij wijze van spreken van zijn voetzool tot zijn hoofdschedel toe.  Luister maar:

  1. Uw woord is een lamp voor mijn voet
  2. Ik vergeet ik Uw wet niet. [vergeten heeft te maken met je verstand, je hoofd]
  3. Uw getuigenissen (…) zijn de vreugde van mijn hart.
  4. Ik heb mijn hart geneigd om overeenkomstig Uw verordeningen te handelen, voor eeuwig, tot het einde toe. [Handelen doe je met je handen]

In dit gedeelte wordt dus gesproken over hand, voet, hart en verstand. Je bent er dus helemaal bij betrokken. Met andere woorden: Gods Woord heeft betrekking op alle aspecten van je leven.

Dan is het niet zo vreemd dat de dichter in het eerste vers zegt:

Uw woord is een lamp voor mijn voet
en een licht op mijn pad

Want zonder zijn Woord, zonder Zijn Licht maak je soms zomaar een misstap op je levenspad. In je denken, in je hart of in je handelen. Wat zijn we toch onvoorstelbaar afhankelijk van Gods genade. Zonder kunnen we niet, geen moment. We hebben Hem ieder moment van onze levensweg nodig. Want:

Uw woord is een lamp voor mijn voet
en een licht op mijn pad

Deze woorden herinneren mij er aan dat we in het donker lopen. Anders heb je geen lamp nodig toch. Inderdaad, als je om je heen ziet in deze wereld, en ik wil niet depressief of negatief doen hoor, maar dan is het stikdonker om ons heen. Wat een ellende, wat een nood, wat een haat, wat een kerkverlating, maar nog erger: wat een Godsverlating. Nogmaals, ik wil niet negatief doen, maar we leven nu eenmaal in een stik donkere wereld waar we afhankelijk zijn van het Woord, het Licht van het Woord van God.

Bij deze woorden moet je misschien denken aan de zaklampen die wij tegenwoordig hebben. Je kent die dingen wel misschien. Van die enorme verstralers die soms wel honderden meters ver kunnen schijnen.

Maar ik ga je teleurstellen, die kenden ze in de tijd dat de dichter van de Psalm deze woorden schreef nog niet. Ik weet niet of je wel eens in Israël geweest bent in Nazareth Village. Een openlucht museum. Als je daar geweest bent ontvangt iedere bezoeker bij de uitgang een olielampje. Een klein nietig kruikje met een lontje. Als je daar wat olie in doet en je steekt het lontje aan verspreid dat wat licht.

Wanneer je daarmee in het donker loopt in het oosten, verstoken van al het namaaklicht verspreid dat vlammetje licht. Net voldoende om een volgende stap te zetten. Daarmee vergelijkt de dichter van de Psalm het Woord van God.

Wij, mensen van deze tijd zijn gewend om te plannen, soms een week, soms een maand, soms wel een jaar of zelfs meerdere jaren vooruit. Denk maar eens aan je vakantie of carrièreplanning. Maar de Heere God houdt er een hele andere planning op na.

De Heere God rekent altijd in dagen. Er zijn talloze voorbeelden te noemen. God rekent niet met weken, maanden en jaren. Maar van dag tot dag. Dat was al bij de schepping zo. Wil je een voorbeeld? Genesis 8 vers 22:

Voortaan, al de dagen van de aarde, zullen zaaitijd en oogsttijd, koude en hitte, zomer en winter, dag en nacht niet ophouden.

Als je bij deze woorden stilstaat is dat eigenlijk mooi, vind je niet? We hoeven ons niet druk te maken over volgende week, volgende maand, volgend jaar. Want God rekent in dagen. Hij is er elke dag. Psalm 68 vers 20 zegt het prachtig:

            Dag aan dag draagt Hij ons; die God is ons heil.

We hebben alle reden om God te prijzen. Hij is er voor ons, dag in, dag uit.


DELEN

 

Reactie verzenden

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Reactie verzenden

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

EN / NL