Hebreeuws is niet zomaar een taal, maar de taal die van de Overkant naar ons toegekomen is. Het woord  עִבְּרִית betekent letterlijk: komend van de overkant. Hebreeuws is de taal waarin God sprak en het geschiedde. Spreken en taal, zo kunnen we lezen in het boek Genesis, gingen dus vooraf aan het scheppen. Volgens de Joodse overlevering is de schepping van de Taal een nog groter gebeuren dan de creaties van hemel en aarde. De Hebreeuwse Taal heeft zijn bron in God, Die Zelf Taal is: Hij is immers hét Woord: ‘In de beginne was het Woord en het Woord was bij God en  het Woord was God (Joh.1:1).’

Wie zich verdiept in deze bijzonder diepzinnige en fijnzinnige taal, zal beamen dat deze Taal Goddelijk is; dat de God van Israël Zelf verborgen in deze Taal aanwezig is, zelfs tot in de grammaticale spelregels toe.

Hebreeuws is in ieder geval de taal waarin de Bijbel naar ons toekwam. Maar het is ook de taal waarin Jezus/Jehoshua` Zichzelf openbaarde. Zo staat er in Handelingen 26:14 dat Hij Paulus/Shaoel in het Hebreeuws aanspreekt. Die aankondiging: ‘Ik hoorde een Stem tot mij spreken in de Hebreeuwse taal,’ staat er niet toevallig. Het is ook belangrijk dat dit er zo staat omdat het Nieuwe Testament nu eenmaal in de Griekse vertaling op ons af is gekomen. Er zijn daardoor veel mensen die denken dat Jehoshua in die tijd slechts Grieks en Aramees met elkaar spraken. Niets is minder waar, Hebreeuws is sowieso de taal die in de synagogen werd gesproken terwijl Aramees, de Hebreeuwse zustertaal met dezelfde letters, meer de dagelijkse omgangstaal was.

Hirsch: Hebreeuws is de oorspronkelijke taal. De zeer geleerde en zeer geachte 19e eeuwse rabbijn Samson Raphael Hirsch heeft, in het spoor van vele voorgaande Joodse Bijbelwetenschappers, de vaste overtuiging dat het Hebreeuws, zoals wij dat nu kennen, niet alleen dé heilige, Goddelijke Taal is: לָשׁוֹן קוֹדֶשׁ  láshon qódesh, maar ook de alleroudste menselijke taal. Volgens Hirsch moet de ‘ene, universele taal’ waarvan sprake is in Genesis 11:1 een taal zijn geweest die uit één bron kwam, consistent, systematisch, ordelijk en logisch wat betreft opzet. Het Hebreeuws voldoet helemaal aan die eigenschappen.

Bij de bouw van de toren van Babel lezen we in Genesis 11:7: ‘Laten we hun taal daar verwarren.’ In het Hebreeuws staat er נִבְלָה שָׁם שְׁפָתַם nibhláh shám shêphátam. Het werkwoord nábhal, waarvan nibhláh is afgeleid, betekent vervagen of verwelken. In feite gebeurde toen dus het volgende: de relatie tussen de torenbouwers en de van God afkomstige taal vervaagde en dit resulteerde erin dat ieder zijn eigen vocabulaire ging ontwikkelen. In deze taalvervaging, spraakverwarring, ontstonden er talen waarin de Schepper niet meer transparant was, niet meer, goed herkenbaar. Door dit verlies aan transparantie, aan doorzichtigheid en diepzinnigheid vervaagden en verarmden de woorden tot loze klanktekens, taalcodes. De letters en de lettersamenhang tussen de woorden verloren hun typische taalbetekenis en werden daardoor in principe verwisselbaar. Een bepaald meubel kan men evengoed aanduiden met de woordklank ‘stoel’ als met ‘tafel’. De talen op zich kregen zo het karakter van: ‘gebabbel’: het Nederlandse woord babbelen komt van het Hebreeuwse woord Bábhel: verwarring.

Bij de Sinai-openbaring ontving het volk Israel volgens Hirsch, en velen met hem, naast de Torah ook het originele universele Goddelijke schrift, het Hebreeuwse kwadraatschrift. Eigenhandig heeft God de Tien Woorden in deze bijzondere schrifttekens in de Twee Stenen Tafels gegraveerd.

Zo totaal anders als de God van de Hebreeën is, zo totaal anders is ook Zijn Taal. Het Hebreeuws heeft amper leenwoorden van andere talen. Deze heilige qódesh taal heeft zijn geheel eigen interne structuur en spraakkunst, zijn eigen logica en vele eigen en nuanceverschillen.

Iedere letter staat op zijn plaats en geen jota, geen Jodje (י), het allerkleinste lettertje van het Hebreeuwse schrift, mag eruit weggekrast worden: oiwawoi (modern Hebreeuwse uitdrukking voor o wee), wie dat wel doet!! Aan de letter Jod kan men nog zien dat het Hebreeuws een taal is die van de Overkant, van Bovenaf komt. De letter hangt als het ware nog in de lucht, aan een onzichtbare bovenlijn.

Taalvoorbeeld: de eerste letter is de Aleph א en deze letter weerspiegelt God Zelf. Hij is de Aleph, de eerste letter van het Alephbeth. De Aleph is een stille letter; heeft geen klank van zichzelf en verwijst mede daardoor naar de stille aanwezigheid van deze unieke taalSchepper. De Aleph is het getal 1 en God zegt van Zichzelf in Deuteronomium 6:4 dat Hij Eén is. Dat is toch frappant te noemen. Zo is er nog een aantal heenwijzingen van de Aleph naar God.*

Het woord voor mens, ádám אָדָם, begint met deze eerste letter א. De oorsprong van het woord Adam komt van het werkwoord dámáh דָמָה: lijken opIn het woord ádám schuilt ook het woord דָם dam: bloed. Adam is een wezen dat bestaat uit vlees en bloed. De eerste twee letters van Adam vormen het woord ‘éd אֵד vluchtige geest, damp. Het menselijk bestaan is vluchtig, we zijn als bloemen in het veld, tegen de avond is de kracht er al bijna uit en raken we verwelkt (Psalm 103:15-16). Adam is door God genomen uit de aarde, de adámáh אֲדָמָה. In dit woord adámáh zit het woord damah weer verborgen, wat betekent: lijken op en ook de Aleph א, die letter die naar God verwijst staat erin en natuurlijk zien we het woord ádám אָדָם er ook in! Wat kunnen we dan zeggen dat er allemaal staat in het woord adámáh: ádám, die door God uit de aarde is genomen is degene die lijkt op de Aleph, op God! Hoe veel meer bewijs hebben we nog nodig dat Hebreeuws werkelijk de Taal Gods is? En zo staat het Hebreeuws bol van dit soort prachtige geheimenissen.

Dagelijks drinken uit de Bijbelse Bron is evenzeer nodig als dagelijks eten en drinken. Elke vertaling kan daarvoor dienst doen. Maar zoals velen hun gezondheid vaak op peil houden door regelmatig wat vitamines of mineralen toe te voegen, omdat ons voedselpakket soms wat te mager of te eenzijdig is, zo kunnen we onze wat magere of eenzijdige Bijbelvertaling aanvullen door dagelijks een paar Hebreeuwse supplementen in te nemen. Eén Hebreeuws woord per dag of één Hebreeuwse zin uit de Psalmen kan al genoeg zijn. Als deze Hebreeuwse supplementen door de herhaling eenmaal via ons hoofd in ons hart beland zijn, blijven ze eeuwig fris en groen. Door ze telkens opnieuw ‘uit te zuigen’ verliezen ze niet aan kracht, ze worden door het gebruik juist steeds krachtiger, steeds meer transparant tot op God, het Woord Zelf.

*In onze Alephcursus ‘Hebreeuws in Zes Dagen’ wordt dit uitgebreider behandeld.


Bron: Website Studiehuis Reshiet 


 

EN / NL