Birgitta Veksler was 12 toen haar familie Estland verliet en voorgoed aankwam in Israel. Zeven jaar daarvoor was haar vader gegrepen door liefde voor zijn vaderland. Hij wilde naar Israel, maar er waren veel obstakels op de weg. En toen hij de USSR zag ineenstorten, kreeg hij steeds meer het gevoel dat hij leefde in de dagen die door de profeet Jeremia waren geprofeteerd, in hoofdstuk 16:14-16.

  1. Daarom, zie, er komen dagen, spreekt de HEERE, dat er niet meer gezegd zal worden: Zo waar de HEERE leeft, Die de Israëlieten uit het land Egypte geleid heeft,
    15. Maar: Zo waar de HEERE leeft, Die de Israëlieten uit het land in het noorden en uit de landen waarheen Hij hen verdreven had, geleid heeft. Ik zal hen terugbrengen in hun land, dat Ik hun vaderen gegeven heb.
    16. Zie, Ik ga boden tot vele vissers zenden, spreekt de HEERE, dat zij hen moeten opvissen. En daarna zend Ik boden tot vele jagers, dat die hen moeten opjagen van elke berg en van elke heuvel, en uit de kloven van de rotsen.

Voor Birgitta’s vader waren de vissers de stemmen van mensen die de Joden smeekten terug te keren naar het land Israel. De jagers, aan de andere kant, zouden hen daar lastig vallen en hen achtervolgen. Het was Gods plan om Zijn volk thuis te brengen, zoals Hij had beloofd en Hij houdt Zich aan Zijn beloften.

Zanggroep
De ouders van Birgitta wilden Joden in de voormalige Sovjet-Unie aanmoedigen om terug te keren naar Israel. Daarom sloten ze zich aan bij een zanggroep, om door hun liederen Joden bewust te maken van hun roeping om terug te keren naar hun thuisland. Al op 8-jarige leeftijd ging Birgitta af en toe mee met de zanggroep, waarbij ze zich later ook aansloot.
In Israel werd de inzet van haar vader opgemerkt om Joden in Israel te brengen. Daardoor gingen deuren open waardoor het gezin kort na de eeuwwisseling zelf ook op Aliyah naar Israel ging.

Het gezin was gelovig, geloofde in de Messias, Jesjoea, de Heere Jezus. Omdat Birgitta begreep hoe gevoelig dat – zeker in die tijd – in Israel lag, begon ze er uit zichzelf niet over. Zo groeide er een scheiding tussen de sabbat, de dag waarop ze met de Messiasbelijdende gemeente samenkwam, en de rest van de week, waarop ze allerlei mensen ontmoette die niets van haar relatie met God wisten.

In korte tijd werd Birgitta heel populair in Israel, doordat ze meedeed aan het tv-programma ‘Kochav Nolad’, de Israëlische versie van ‘Idols’. Haar populariteit en alle aandacht die ze kreeg, ging ten koste van haar ‘geheime’ Godsleven. En hoewel de Heere tot haar sprak door haar geweten, vond ze het steeds moeilijker om ‘nee’ te zeggen tegen wat de wereld haar bood.
Ze bereikte de leeftijd dat ze in dienst moest, waar ze een plaats kreeg in de band van het leger. Ze reisde met de band het hele land door en zong voor soldaten op bases van het Israëlische leger.

Gebeten door een giftige slang
Ongeveer tien maanden voordat haar tijd in het leger voorbij zou zijn, werd ze uitgenodigd om met een groep jongvolwassen gelovigen een reis te maken naar Galilea. Ze had zich afgevraagd waarom ze de moeite had genomen het ‘geheime geloof’ uit haar jeugd toch nog een beetje vast te houden, terwijl ze het ook helemaal los had kunnen laten.
Het was inmiddels zeven jaar geleden dat ze ‘gelovige uitstapjes’ had gemaakt, maar omdat er vrienden van haar bij deze groep zaten, besloot ze toch mee te gaan.

Ze hadden de avond samen doorgebracht aan de rivier de Jordaan. Eerst hadden ze nog samen gezongen en daarna ging Birgitta met een paar vriendinnen naar de rivier om er nog wat te zwemmen.
Terwijl ze naar de Jordaan liepen, werd ze gebeten door één van de dodelijkste slangen die in Israel voorkomen. De drie meiden begonnen om hulp te schreeuwden en belden onmiddellijk een ambulance. De telefoniste vertelde dat het minstens een uur zou duren voor die bij hen zou zijn.

Zoveel tijd was er echter niet meer. Later bleek dat het addergif van deze slang eerst de bloeddruk laat stijgen, om daarna abrupt te dalen. Daardoor stolt het bloed en stoppen de organen. Na een beet duurt het dan maximaal 45 minuten voor je dood bent.
Birgitta en haar vriendinnen probeerden zo snel mogelijk terug te gaan naar de groep, maar binnen een paar minuten kon ze al niet meer lopen, omdat haar been zo dik werd. Toen kwam er plotseling een auto aan, het bleek de leider van de groep te zijn, die nog even wilde gaan tanken. Het was alsof de Heere hem juist op dat moment daarheen had gestuurd. Birgitta werd snel in zijn auto getild, waarna hij haar zo snel mogelijk naar een ambulancepost bracht.

In coma
Birgitta dacht dat ze zou gaan sterven. Ze kon nauwelijks meer ademen en raakte af en toe buiten bewustzijn. Later vertelden de ambulancebroeders haar dat ze zou zijn overleden als ze enkele minuten later bij hen zou zijn aangekomen.
Onderweg naar het ziekenhuis was het erop of eronder. Tot overmaat van ramp viel de motor van de ambulance ook nog uit, tijdens de beklimming van een heuvel. Maar na vijf minuten startte hij gelukkig weer en ondertussen vocht het ambulancepersoneel voor haar leven. Toen ze aankwamen bij het ziekenhuis was ze in coma geraakt.

Later vertelt ze hierover: ‘Ik herinner me dat ik wist hoe dicht ik bij de dood was en dat ik echt bang was. Ik begon te bidden en aan God te vertellen dat ik er spijt van had dat ik niet zo had geleefd als Hij wilde dat ik zou doen.
Ik verwachtte plotseling een wit licht te zien, of dat God zou komen. Ik was zo dwaas geweest. God zou komen om me te waarschuwen: “Kies heden wie je dienen zult.”
Maar dat gebeurde allemaal niet. Er kwam niemand. Ik hoorde stemmen en ik hoorde mensen huilen, maar ik zag niets. Ik besefte dat ik zelfs op mijn slechtste dagen altijd wel iets van God had ervaren. Maar nu was er alleen duisternis en de angstaanjagende afwezigheid van God. Ik had een keuze gemaakt om van Hem weg te lopen en was daarom nu volkomen alleen.’

‘Ik heb gezondigd’
Birgitta lag drie dagen in coma, met haar familie aan haar zijde. De artsen spraken over het amputeren van haar been om haar leven te redden, maar wachtten zo lang mogelijk. Toen ze eindelijk wakker werd uit die duisternis, kon ze niet praten. Ze gebaarde dat ze wilde communiceren, dus gaven ze haar een papier en een stift. Ze schreef één woord: חטאת – in het Hebreeuws: ‘Ik heb gezondigd.’

Toen ze na drie maanden het ziekenhuis mocht verlaten, was ze nog steeds zwak en kon ze nog moeilijk praten, omdat haar stembanden zo beschadigd waren door het slangengif en de zware medicijnen. Vanwege haar zwakke gezondheid hoefde ze niet meer terug in het leger.


Birgitta met haar zus, toen ze het ziekenhuis mocht verlaten.

Birgitta besefte dat ze moest breken met haar oude leven. Ze besloot naar een Bijbelschool in Zweden te gaan.
Lichamelijk was ze als het ware opgewekt uit de dood, op de Bijbelschool gebeurde het tweede wonder: daar werd ze opgewekt uit de geestelijke dood en ontstond een persoonlijke relatie met God en met de Heere Jezus, Jeshua.
Daar leerde ze ook haar toekomstige man kennen en samen keerden ze terug naar Israel. Ze trouwden en kregen twee kinderen. Birgitta kreeg er ook de leiding over de christelijke Montessorischool ‘Little Hearts Preschool’ in Jeruzalem.

Nieuwe liederen
Het kostte Birgitta lange tijd en veel inspanning om haar stem weer ‘goed’ te krijgen na haar ziekte. Toen ze door haar kinderen meer gebonden was aan huis, gebruikte ze die tijd om een album met traditionele Joodse liedjes op te nemen en een tweede met Messiaanse liederen, die ze zelf schreef.

In Jeruzalem zijn Birgitta en haar gezin aangesloten bij de King of Kings Gemeente, waar ze ook meedoet met het aanbiddingsteam. Toen de kinderen wat ouder werden, begon ze ook weer te reizen buiten Israel om er te zingen. Inmiddels maakt ze zelf ook nieuwe liederen, zoals ‘Melech’ en ‘Ne’eman’ en is ze betrokken geraakt bij ‘Fellowship of Artists’. Ze ziet, ook bij zichzelf, een groeiende passie voor het herstel van de oude roeping van Israel in aanbidding, zoals weleer de Levieten deden. ‘Dit ontroert mij, en hoe meer ik erbij betrokken raak, hoe meer ontzag ik voel voor dit heilige werk. Ik geloof dat onze aanbidding een tastbare manier kan worden om de realiteit van God te laten zien aan het Joodse volk.’

(Bron: Moaz Israel/nieuwsbrief Dirk van Genderen)

Delen
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
EN / NL