De Israëlische ambassadeur in Nederland, Naor Gilon, kijkt uit naar de verkiezingen in Israël van vandaag. Met gemengde gevoelens blikt hi terug op de uitslag van de Tweede Kamerverkiezingen van vorige week. Onder meer de opkomst van Forum voor Democratie, een partij die vorig jaar in opspraak kwam tijdens een antisemitisme-affaire, baart hem zorgen. Verder heeft de diplomaat zorgen over Jodenhaat in de polder en daarbuiten, en kondigt hij zijn vertrek aan. Lees na deel één hieronder het tweede deel van het lange interview met de ambassadeur van Israël in Den Haag.

Meneer Gilon, Nederland wordt traditioneel gezien als een van de meest belangrijke spelers voor Israël in Europa. Hoe gaat het u op deze zware diplomatieke post af?

“Allereerst is het voor mij een fijn land om in te leven. Alles is goed georganiseerd en iedereen spreekt Engels. Ik ervaar Nederland nog steeds als een erg vriendelijk land voor Israël. De Coronacrisis heeft mijn dagelijkse werk echter erg beïnvloed. Het persoonlijk treffen van diplomaten, burgers, politici en journalisten; en alles dat je normaal gesproken als ambassadeur moet doen, gaat niet zomaar meer. Er is geen personal touch meer. Alles gebeurt op schermen. Dat hoort niet echt bij diplomatie, want in ons vak moet je mensen soms letterlijk in de ogen kunnen aankijken en kunnen zien. Ook de ambtenaren van het ministerie van Buitenlandse Zaken werken vanuit huis. Alles kost meer tijd en de charme is er voor mij dus een beetje af. Kun je jezelf voorstellen dat we events met vierhonderd mensen hebben georganiseerd? Nu kun je vierduizend mensen online verzamelen, maar toch is dat anders.”

Bent u nog wel gemotiveerd?

“Mijn motivatie is nog steeds groot. Ik ben niet alleen ambassadeur van Israël maar ook ben ik de manager van enkele tientallen mensen in dienst van onze ambassade. Het is voor mij een uitdaging om ervoor te zorgen dat alles goed verloopt. Op kantoor hanteren we Nederlandse en Israëlische coronaregels. Momenteel wordt onze Israëlische medewerkers in Israël gevaccineerd door op-en-neer te vliegen.”

Onlangs sloot Defensie een contract ter waarde van twintig miljoen euro met Elbit Systems, een Israëlisch defensiebedrijf dat de Landmacht zal voorzien van mobiele militaire software. Wat was uw rol als ambassadeur daarbij?

“Doorgaans staan wij in direct contact met het bedrijf en de Nederlandse overheid, en ook hebben we een militaire attaché in Brussel. Hij was betrokken bij het tot stand komen van deze deal. In mijn optiek hoefden we niet meer te doen. In zijn algemeen helpen we alleen waar en wanneer het moet. Zakenmensen hebben hun eigen taal en gangen, dus hoeven we ons er niet direct mee te bemoeien. Wat wij als ambassades beter kunnen doen, is het benaderen en betrekken van jonge mensen. Israël staat bijvoorbeeld bekend als de start-up nation en op dat thema proberen we Nederlandse studenten, uitvinders en jonge bedrijven in contact te brengen met hun Israëlische collega’s. Tot nu toe slagen we daar aardig in.”

Tot op een jaar of vijftien geleden was Nederland voor Israël een zeer belangrijke diplomatieke poot in Europa. De laatste jaren zien we dat premier Netanyahu de banden met landen als Hongarije, Griekenland, Cyprus en Tsjechië heeft aangehaald. Israël krijgt nieuwe, sterke bondgenoten. Welke impact heeft dit op de relatie tussen Jeruzalem en Den Haag?

“Ik denk dat Nederland nog steeds erg belangrijk is, onder meer omdat Nederland een handels- en kennisland is. Daarnaast zijn er door de jaren heen veel liefdesrelaties tussen Nederlanders en Israëli’s ontstaan. Die relaties zijn vaak huwelijken geworden en er zijn veel gezinnen gesticht. Ze leven vaak tussen beiden landen in. Verder is de verstandhouding tussen premier Mark Rutte en onze premier Benjamin Netanyahu erg goed. Door de verschillende verkiezingen in Israël en de coronatijd hebben we een ontmoeting tussen beiden moeten uitstellen, maar onlangs is er nog een goed telefoongesprek geweest. Sigrid Kaag is vorig jaar februari ook naar Israël gekomen met een handelsmissie. Over het algemeen zijn onze relaties dus goed en bouwen we onze banden met andere landen uit. Ik stond aan de wieg van het aanhalen van de banden met Cyprus en Griekenland, landen waarmee we nu een nog betere band hebben. Andere Europese landen worden gelukkig ook steeds Israël-vriendelijker.”

Nederland stemde in de afgelopen jaren bij de VN soms tegen Israël. Het wekt veel chagrijn en frustraties bij Joodse Nederlanders, die niet snappen waarom. Kunt u hun gevoelens begrijpen?

“Ja. Ik deel hun frustraties hierover zeker en baal er ook van. In jullie parlement heb ik aangenomen moties zien langskomen die de minister van Buitenlandse Zaken oproepen om niet meer tegen Israël te stemmen. Ik had verwacht dat dit zou worden uitgevoerd en dat Nederland meer de weg van Duitsland zou volgen, maar helaas is dat er nog onvoldoende van gekomen. Ik heb mijn mening hierover niet onder stoelen of banken geschoven. Het is net als in een huwelijk, waarin je goede en slechte tijden hebt, en waarin je het met elkaar eens kan zijn en met elkaar kunt verschillen. Dat hoort bij een volwassen relatie tussen twee landen. Gelukkig zijn Nederlanders en Israëli’s erg open in het uiten van hun gevoelens. Ik kan dat ook bij mijn Nederlandse collega’s doen.”

Wat kunt u ertegen doen?

“Natuurlijk heb ik geen grip op de interne politieke zaken van Nederland. Wel kan ik duidelijk blijven maken dat Israël bij de VN vaak onterecht behandeld wordt. Kijk naar de VN-mensenrechtenraad, waar landen als Noord-Korea, Venezuela en Iran de hand boven het hoofd worden gehouden terwijl onevenredig veel resoluties tegen Israël worden aangenomen. Of kijk naar het gebruik van de naam Tempelberg, die niet meer wordt gebruikt. Sommige resoluties worden nota bene gesteund door landen als Nederland. Ik ben van mening dat dat onterecht is en zal mijn mening daarover blijven geven. Tevens denk ik dat we het tij als Israël nog kunnen keren.”

Een ander tij dat u wellicht wil keren is het toenemende antisemitisme in de wereld. Dat neemt onder andere in Nederland en Europa toe. Hoe ziet u dit?

“In de wereld hebben we momenteel twee vormen van antisemitisme. Je hebt het ouderwetse antisemitisme dat bestaat uit de oude stereotypen over Joden, van de Middeleeuwen tot aan de Sjoa, het moment waarop mensen dachten dat de Joden uitgeroeid konden worden. Tegenwoordig zie je dat er een andere soort antisemitisme bij komt, een politieke variant, die het conflict tussen Israël en de Palestijnen als uitgangspunt neemt. Kijk naar BDS [de anti-Israëlische beweging Boycot, Desinvesteren en Sancties, red.] die Israël binnen geen enkele grens accepteert. Deze mensen hebben een probleem met Israël an sich. Binnen dit politiek antisemitisme zijn linkse activisten en sommige groepen moslims. De haat tegenover Israël verenigt daarnaast ook extreemlinks en -rechts. Dat is bijzonder om te zien.”

Maakt u zich zorgen over de situatie in Nederland?

“Het antisemitisme groeit onder meer omdat de Tweede Wereldoorlog steeds verder weg raakt, ook in Nederland, maar gelukkig is het in dit land in de grote linie onacceptabel als mensen zich antisemitisch manifesteren. Niettemin maak ik me zorgen, want je ziet dat Jodenhaat ook in de anti-coronabeweging in Nederland rondgaat. Demonstranten met gele sterren die de coronamaatregelen vergelijken met de Sjoa, bijvoorbeeld. Die vreselijke gebeurtenis was een unieke en ik heb een hekel aan de vergelijkingen die deze mensen maken. Los daarvan is alleen al de uitlating dat corona door de Joden komt een hele erge beschuldiging. Dit is een belachelijke manier van denken en een erg ouderwetse manier van antisemitisch denken. Toch gebeurt het.”

U kreeg zelf met neonazi’s te maken. Wat gebeurde er?

“Vlak nadat ik hier als ambassadeur arriveerde was er een neonazi-demonstratie gepland voor de deur van onze ambassade. Ik had hierover contact met de burgemeester van Den Haag, maar uiteindelijk zagen de neonazi’s er zelf van af. Hoge politici en overheidsfunctionarissen zeiden tegen mij dat ze niet hadden gedacht dat een dergelijk fenomeen zou kunnen voorkomen in Nederland. Tegen hen en anderen zeg ik: antisemitisme komt overal voor, ook in Nederland en zelfs op plekken waar geen Joden zijn.”

Vorige week bij de Tweede Kamerverkiezingen verviervoudigde Forum voor Democratie, een radicaal-rechtse partij waar antisemieten zich bewegen. De partij groeide van twee naar acht zetels. Wat vindt u daarvan?

“Ik ben natuurlijk bezorgd als er een politieke partij is waarbinnen tekstberichten worden uitgewisseld met antisemitische inhoud. Maar het publiek heeft hierover een oordeel kunnen vellen. We bijven het scherp volgen, maar het is aan de Nederlanders om te beslissen hoe zij willen dat hun politiek en samenleving er uitzien.”

Kijkend naar Israël. Daar zijn vandaag ook parlementsverkiezingen. Wat verwacht u daarvan?

“In zeker opzicht verwacht ik in zeker opzicht een vergelijkbare situatie zoals in Nederland. Het samenstellen van een coalitie zal veel gecompliceerder zijn dan de campagne. Wat de uitslag ook zal zijn; wij zullen voor dezelfde uitdaging staan als hier in Nederland: hoe bouwen we een stabiele coalitie?”

U bent nu ruim 1,5 jaar in functie, maar u zal uw mandaat niet vol maken. Eind dit jaar vertrekt u naar New Dehli om ambassadeur in India te worden. Waarom?

“Het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken heeft mij bevraagd om naar India te gaan en daar het ambassadeurschap op me te nemen. Hoewel ik nu in Nederland actief ben, heb ik ingestemd met deze grote uitdaging. Ik ben in afwachting van de bekrachtiging van de benoeming door de Israëlische regering. Daarna moet ook de regering van India de benoeming bevestigen. Als alles doorgaat, dan voor mij wordt het een geheel nieuwe missie, omdat ik in mijn hele professionele leven in de westerse wereld gewerkt heb. Inhoudelijk gezien is de post in India ook anders.”

Mensen zullen zeggen: ‘Gilon was veel te kort bij ons in Nederland’. Wat denkt u daarvan?

“Ik kan alleen maar zeggen dat dat de waarheid is. Na 2,5 jaar weggaan, dat is dan veel te kort, ook voor mij. Maar dat hoort bij een diplomatieke loopbaan. Ik zal altijd met goede herinneringen terugdenken aan Nederland en hier met veel plezier terugkeren.”


Bronvermelding:
Datum:        23-03-2021
Auteur:        Kemal Rijken
Beeld:         Youtube
Website:      Jonet.nl


 

 

Delen
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
EN / NL